Gezondheidsblog

Gezond nieuws van GezondMooiSlank

  • Dieet verlaagt risico Alzheimer

    De invloed van voeding op de darmflora kan een rol spelen in het reduceren van het risico op Alzheimer’s. Het microbioom beïnvloedt Alzheimer's.

    Kan het volgen van een bepaald dieet het microbioom (de goede en de slechte bacteriën die in de darmen leven) beïnvloeden? En dat op een manier die het risico op Alzheimer’s vermindert? Volgens onderzoekers van de “Wake Forest School of Medicine” zijn er mogelijkheden!

    Microbioom onderzoek

    In een kleine pilot-studie (!) troffen de onderzoekers verschillen aan in de samenstelling van het microbioom tussen mensen met een normale geheugen functie en mensen met een matig verslechterd geheugen (MCI). Er werd een relatie aangetoond tussen het microbioom van de mensen met een minder geheugen en de hogere waarden van markers voor Alzheimer’s, in de wervelkolom.

    mediterraan ketogeen

    Door experimenten met verschillende dieëten zoals het ketogene-dieet en het mediterrane dieet, liet het onderzoek veranderingen in het microbioom en de metabolieten hiervan zien. De veranderingen correleren met verminderde waarden van markers voor Alzheimer’s.

    Samengevat: Door dieet aan te passen verandert het microbioom en dalen de waarden voor markers van Alzheimer’s. Het microbioom beïnvloedt Alzheimer's.

    De studie is gepubliceerd in EBioMedicine, een
    uitgave van The Lancet.

    Alzheimer's en microbioom

    De relatie tussen het microbioom, dieet en neurodegeneratieve ziekten heeft recentelijk veel aandacht gekregen. Deze kleine pilotstudie suggereert dat er een relatie is tussen Alzheimer en bepaalde veranderingen in het microbioom. Daarenboven dat een bepaald ketogeen-mediterraan dieet invloed heeft op het microbioom op een manier die impact kan hebben op de ontwikkeling van Alzheimer’s volgens Hariom Yadav, Ph.D., assistant professor of molecular medicine aan de Wake Forest School of Medicine, hij is co-auteur samen met Suzanne Craft, Ph.D., professor gerontology and geriatric medicine at the medical school  en directeur van Wake Forest Baptist Health's Alzheimer's Disease Research Center.

    De gerandomiseerde, dubbel blind studie betrof 17
    oudere volwassenen. 11 waren gediagnosticeerd met MCI (mild cognitive impairment,
    milde verlechtering van het geheugen) en 6 met een normaal geheugen. Een kleine
    groep waarin ook geen onderscheid gemaakt kon worden tussen ras en sexe.

    American heart association dieet

    At random werden de deelnemers op en dieet gezet. Een low carb mediterraan-ketogeen dieet of en low fat dieet met meer koolhydraten (het American Heart Association Diet, AHAD of het DASH dieet). De onderzoeksperiode betrof 6 weken, vervolgens 6 weken pauze (wash out) en daarna 6 weken het andere dieet.

    microbioom beïnvloedt Alzheimer's.

    Het microbioom, de ontlasting, korte keten vetzuren en markers voor Alzheimer’s (amyloid en tau proteïnen) in het ruggemerg werden voor en na elke dieet-periode gemeten.

    Amyloid en tau eiwit

    Op de website van de stichting Alzheimer Nederland: “Volgens vele onderzoekers is het zogenaamde amyloid eiwit dé oorzaak van de ziekte van Alzheimer. Dit giftige eiwit klontert samen tussen de hersencellen. Maar wat doet dit eiwit precies? En waar komt het vandaan?

    Kenmerken Alzheimer's

    In 1906 werd de ziekte van Alzheimer voor het eerst beschreven door de arts Alois Alzheimer. Bij bestudering van de hersenen van patiënten vond hij de onderstaande drie kenmerken van de ziekte:

    1. Eiwitten klonteren samen tussen
      de hersencellen. Deze ophopingen noemen we 'plaques'.
    2. Er ontstaat een soort kluwen van
      eiwitten binnen in de hersencellen. Deze noemen we 'tangles'.
    3. De hersenen van mensen met de
      ziekte van Alzheimer worden steeds kleiner.

    Tau

    Het tau eiwit, blijkt ook een belangrijke rol te spelen. Eiwit tau vormt schadelijke eiwitkluwen in de hersencellen van mensen met alzheimer. Deze kluwen komen vaak samen voor met ophopingen van amyloid in de hersenen.

    Vervolg onderzoek dieet en Alzheimer's

    “Onze bevinden verschaffen belangrijke informatie waar
    in de toekomst andere klinische studies zich op kunnen baseren” volgens Yadav.
    Het bepalen van specifieke profielen van het microbioom (samenstellingen en
    combinaties van bacteriestammen in de darmen die samen een bepaald kenmerk
    vertonen) en die rol die deze profielen spelen in de ontwikkeling van Alzheimer
    kan leiden tot nieuwe inzichten in dieet, voeding en therapeutische
    benaderingen die effectief kunnen zijn tegen deze ziekte.

    Financiering

    Financiering van het onderzoek: “The research was supported by grant P30 AG049638 and award R01 AG055122 from the National Institute on Aging, Department of Defense grant W81XWH-18-1-0118, National Center for Advancing Translational Sciences grant UL1 TR001420 and a grant from the Hartman Family Foundation.”.

    Hier vindt je het hele onderzoek.

    Wake Forest Baptist Medical
    Center. "Diet's effect on gut bacteria could play role in reducing
    Alzheimer's risk." ScienceDaily. ScienceDaily, 3 September 2019. <www.sciencedaily.com/releases/2019/09/190903120514.htm>.

  • Bruin vet is goed voor je gezondheid

    Nieuw onderzoek kan leiden tot nieuwe aanpak diabetes en obesitas.
    Onderzoekers (Rutgers en zijn wetenschappers) hebben ontdekt hoe bruin vet, onderhuids bruin vetweefsel, kan bijdragen aan het voorkomen van obesitas en diabetes.

    Bruin vet is goed voor je gezondheid.

    Bruin vet, obesitas en diabetes

    De studie voegt kennis toe over de rol van het bruine vet in de gezondheid. Deze nieuwe bevindingen zouden kunnen leiden tot nieuwe medicijnen om obesitas en diabetes type 2 te voorkomen. De studie is gepubliceerd in Nature.

    Bruin vet wordt gezien als een verwarmingselement van het lichaam. De meeste mensen hebben maar een paar gram bruin vet in hun nek, bij het sleutelbeen, bij de nieren en de ruggegraat. Als het bruine vet wordt geactiveerd door koude begint het suikers en vet uit het bloed te verbranden om zo warmte te maken.

    Bruin vet en BCAA

    De studie vond dat bruin vet ook kan helpen om het lichaam te filteren en om BCAA (lange keten aminozuren) uit het bloed te verwijderen. De BCAA’s (leucine, isoleucine en valine) vind je bijvoorbeeld in eieren, vlees, vis, kip en melk. Ook worden BCAA’s gebruikt door athleten en mensen die meer spiermassa wensen zoals bodybuilders of krachtsporters.

    Bruin vet BCAA

    Bruin vet BCAA

    In normale concentraties zijn deze BCAA’’s in het bloed essentieel voor een goede gezondheid. In te hoge concentraties is er een relatie met diabetes en obesitas. De onderzoekers concludeerden dat mensen met geen tot weinig bruin vet een verminderde capaciteit hebben om BCAA’s uit hun bloed te filteren. Dit, de te hoge bloed-BCAA’s, kan leiden tot de ontwikkeling van obesitas en diabetes.

    BCAA goed of schadelijk?

    De studie loste ook een 20 jaar oud mysterie over bruin vet op: Hoe BCAA’s de mitochondriën, die energie en warmte produceren, binnen dringen. De onderzoekers vonden een nieuw eiwit genaamd SLC25A44. Dit eiwit controleert de mate waarin bruin vet aminozuren uit het bloed haalt om daarmee energie en warmte te produceren. De studie legt de paradox (tegenstelling) uit waarbij BCAA-supplementen mogelijk goed zijn voor mensen met actief bruin vet. Denk aan gezonde mensen. Maar het kan schadelijk zijn voor anderen zoals ouderen, mensen met obesitas en diabetes. Volgens co-auteur Labros S. Sidossis een professor aan de “Rutgers University-New Brunswick”. Hij is ook professor van het Department of Medicine aan de “Rutgers Robert Wood Johnson Medical School in Rutgers Biomedical and Health Sciences”.

    Meer over BCAA in deze blog.

    Onderzoekers moeten nu bepalen of de opname van BCAA door bruin vet beïnvloed kan worden met externe factoren zoals:

    • blootstelling aan matig lage temperaturen (18 graden),
    • scherp gekruid eten
    • medicijnen.

    Dit zou de bloedsuiker-waarden kunnen verbeteren wat een relatie heeft met obesitas en diabetes, volgens Sidossis.

    Meer lezen over vet verbranden op deze pagina.

  • Antibiotica resistentie bij kinderen

    Antibiotica resistentie bij kinderen. Er wordt teveel antibiotica voorgeschreven bij kinderen tot 5 jaar. Bij meerdere kuren per jaar neemt de effectiviteit van de antibioitca af met 30% volgens nieuw onderzoek. Maar ook de kennis en verwachtingen van ouders moet worden aangepast.

    Effectiviteit antibiotica

    Als kinderen (tot 5 jaar) in 1 jaar 2 of meer keer antibiotica krijgen voor infecties aan de luchtwegen (kuchen, zere keel, oorpijn) zijn eventueel volgende antibioticakuren minder effectief. Volgens een studie van de universiteiten van Oxford, Cardiff en Southampton.

    30% teveel antibiotica voorgeschreven

    Ruim 30% van de voorgeschreven antibiotica (in de UK) zijn onnodig, volgens een recente studie. De consequenties van teveel antibiotica voorschrijven dragen bij aan de zorgelijke toename van antibiotica-resistentie. De gevaren van het onnodig voorschrijven van antibiotica worden duidelijk.

    Minder antibiotica voorschrijven

    Minder antibiotica voorschrijven

    In de studie geleid door Dr. Oliver Hecke analyseerde hij en zijn team de informatie uit electronische patiënten-dossiers van 250.000 kinderen. Zij vonden dat als er 2 of meer antibiotica-kuren werden voorgeschreven het risico op resistentie van volgende kuren, en opname in ziekenhuizen, met 30% toenam.

    Kinderen worden resistent voor antibiotica

    Volgens de rapportage in de British Journal of General Practice geven de onderzoekers aan dat het niet alleen ligt aan het ontwikkelen van resistentie voor antibiotica of verstoring van het microbioom (darmflora) maar dat het ook gerelateerd kan zijn aan: de verwachtingen van ouders, de onbekendheid met de beperkte werkzaamheid van antibiotica en hun verwachtingen t.a.v. de duur van infecties aan de luchtwegen.

    Als kinderen meer antibiotica krijgen bezoeken zij vaker een arts wat leidt tot een hogere werkdruk (meer zorg). Ook zijn de meeste infecties aan de luchtwegen viraal en gaan zij vanzelf over, de bijdrage van antibiotica is beperkt.
    Een verbetering zou zijn om de ouders beter te informeren over het ontstaan en de duur van infecties aan de luchtwegen. Een soort ontmoedigingsbeleid voor antibiotica bij infecties aan de luchtwegen.

    De uitkomst van de studie komt overeen met deze Amerikaanse studie gepubliceerd in JAMA

    Veelvuldig gebruik van antibiotica kan leiden tot resistentie. De Nederlandse situatie t.a.v. antibioticagebruik en resistentie wordt gerapporteerd op deze website van Volksgezondheid en zorg.

  • Wanneer begint de vetverbranding

    Wanneer begint de verbranding van lichaamsvet?
    Het succes van intermittent fasting is gebaseerd op het ruimte geven aan de vetverbranding, het verhogen van het dagelijks energie-verbruik, het verlagen van de energie-inname en het vervangen van koolhydraten door proteïnen. Blog over "wanneer vetverbranding".

    Afvallen is vet verbranden

    Om af te vallen wil je het liefst overtollig lichaamsvet verbranden. Dat kan in een sportschool maar ook door gewoon meer te bewegen. Een actievere lifestyle betekent gewoon meer doen. Elk dieet helpt je om meer gewicht te verliezen, je verliest dan zowel vocht als vet. Diëten werken omdat de energiebalans tijdelijk wordt aangepast: je verbrandt meer calorieën dan dat je eet.

    Glucose en glycogeen verbranden

    De eerste en gemakkelijkste bron van energie voor je lijf is glucose (suiker). In je spieren en bloed is glucose opgeslagen. Als je niet eet, zoals tijdens je slaap of tijdens vasten, worden deze voorraden eerst opgemaakt. Daarna is de opslag van glucose in je lever aan de beurt. De glucose in je lever is opgeslagen in de vorm van glycogeen. Het proces om van glycogen weer glucose te maken heet glycogenolyse.

    glucoseverbranding vetverbranding

    glucoseverbranding vetverbranding

    Je gebruikt gemiddeld per dag 2000 tot 2500 kcal.

    • De voorraad glucose in je spieren is 300 – 400 gram (20 gram per 1 kilo spier),
    • in je lever wordt 100 gram bewaard.
    • In de bloedbaan circuleert een paar (5) gram glucose.

    De gemiddelde glucose voorraad is 450 gram oftewel 1800 kcal. Om na een maaltijd alle glucose te verbranden moeten er dus 1800 kcal worden opgemaakt. Gemiddeld duurt het 16 uur na een maaltijd voordat echt alle glucose en glycogeen op is. De vetverbranding begint na 12 uur.

    Metabole reset

    De verandering van glucose verbranding naar vetverbranding wordt de metabole switch genoemd, je reset je verbranding. De mate waarin je gemakkelijk switcht naar vetverbranding is de metabole flexibiliteit. Als je de voorraad glucose (glycogeen) niet of nauwelijks aanvult start de vetverbranding veel eerder.

    Lichaamsvet dat wordt gebruikt als energie bron moet wel vrij beschikbaar zijn. De vetzuren moeten gemobiliseerd worden. Een trucje om dit te stimuleren is High Intensity training HIT-training). Je beweegt dan heel even met een hele hoge intensiteit. Bijvoorbeeld 20 seconden zo hard lopen als je kunt. Je hartslag moet even “pieken” om het signaal te geven: vetzuren loslaten om als energie bron te dienen voor dde lichaamscellen.

    Wanneer vetverbranding?

    Na 12 uur begint de vetverbranding.

    Als je ’s avond oor 20:00 uur je diner op hebt en daarna niets meer eet begint de vetverbranding om 08:00 uur. Het moment waarop veel mensen honger krijgen en gaan ontbijten.

    Na 8 uur niet eten, 04:00 uur ’s nachts is al het eten verwerkt en opgenomen. Twee tot vier uur daarna begint de vetverbranding te stijgen en wordt er glycogeen gespaard. Als je dus niet ontbijt ga je vet verbranden. Als je in de ochtend kiest om meer te bewegen gebruik je dus opgeslagen lichaamsvet om te bewegen. Elke beweging is goed: wandelen, fietsen, zwemmen, stofzuigen, het maakt niet uit, als je maar beweegt.

    Wanneer stopt de vetverbranding?

    Als je koolhydraten gaat eten wordt de voorraad glucose weer aangevuld. Je lichaam gaat dan eerst die glucose verbranden. Het kost je lijf de minste moeite om glucose te verbranden. Als je eerste maaltijd vooral proteïnen en vet bevat verleng je de periode waarin de vetverbranding “aan staat”.

    Hoe kun je afvallen met metabool switchen?

    Gemiddeld verbrandt je eerst 1800 kcal aan opgeslagen glucose. Als je de inname van energie beperkt, dus langer maakt als je dagelijkse energie-verbruik kan je lichaam alleen maar kiezen voor het verbranden van vet, en dus val je af.

    Wanneer begint ketose?

    Ketose is een brandstof voor je hersenen. De lever maakt dan ketonen uit vetzuren. Je hersenen verbruiken per dag 20% van de energie die nodig is om je lichaam te laten draaien. Dit heet de grondstof wisseling of het basaal metabolisme. Gemiddeld 300 kcal per dag. Het maakt niet uit of je slim bent of niet. Je hersens “harder” laten werken leidt niet tot gewichtsverlies.

    Na 48 uur niets eten is de vetverbranding hoog en maak de lever ketonen aan. Het lichaam bevindt zich dan in ketose. De hersenen “draaien” heel goed op ketonen. Twee dagen vasten start het proces van ketose. Door koolhydraten uit te sluiten in een dieet zoals een proteïne dieet met weinig calorieën begint de ketose, de verbranding van vet, eerder.

    Slim, eiwitten omzetten in koolhydraten

    Je lichaam maakt bij een tekort aan koolhydraten dus speciale brandstof voor de hersenen aan, de ketonen. Maar ook als er echt koolhydraten nodig zijn is het lichaam in staat om proteïnen af te breken en daar glucose van te maken.

    Samenvatting

    Het succes van intermittent fasting is gebaseerd op het ruimte geven aan de vetverbranding, het verhogen van het dagelijks energie-verbruik, het verlagen van de energie-inname en het vervangen van koolhydraten door proteïnen. Reset36 helpt je hierbij, hier vind je alles over afvallen met reset36.

    Slank blijven

    Nadat het streefgewicht is bereikt moet je een paar dingen vol blijven houden: behoud een actievere levensstijl, start je dag met een proteïnen-rijke maaltijd zonder koolhydraten en eet je eerste maaltijd pas om 12:00 uur.

    Meer weten? neem contact met ons op.

  • Vet eten leidt tot verstoring darmflora en veroorzaakt diabetes

    darmflora diabetes vet eten

    Vet eten verlaagt IgA, verhoogt ontstekingen en veroorzaakt diabetes
    Onderzoekers hebben ontdekt hoe ons dieet het immuunsysteem in de darmen verzwakt wat kan leiden tot diabetes type-2.
    Steeds meer onderzoek ondersteunt het idee dat bij overgewicht ons immuunsysteem reageert op deeltjes van bacteriën die lekken door de wand (lekkende darm). Dit resulteert in (laaggradige) ontstekingen. Deze ontstekingen kunnen weer leiden tot insuline resistentie, de voorloper van diabetes type 2.

    Nieuw onderzoek microbioom

    In nieuw onderzoek gepubliceerd in Nature Communications geven de onderzoekers aan dat een dieet (voedingspatroon) met veel vet een bepaald type cellen in de de darmen beïnvloedt: de B-cellen, en dan speciaal de B-cellen die een proteïne aanmaken genaamd IgA (antilichaam immunoglobuline A) B-cellen zijn lymfocyten die een belangrijke rol spelen in het humorale immuunsysteem
    Er is ontdekt dat tijdens obesitas er minder B-cellen zijn in de darmen die IgA aanmaken. IgA wordt geproduceerd in ons lichaam en is cruciaal in het reguleren van de soorten bacteriën die leven in de darmen (darm-microbioom). IgA acteert als een defensiemechanisme dat helpt bij het neutraliseren van mogelijk gevaarlijke of schadelijke bacteriën die groeien als het darmmilieu verandert door een verkeerd dieet. Met verkeerd dieet wordt bedoeld eenzijdige voeding of te vette voeding.

    Lagere IgA waarden bij obesitas

    In het onderzoek werd duidelijk dat de bloedsuiker-waarden verslechteren als er te weinig IgA is en er te vet wordt gegeten. Als deze “verkeerde” darmflora wordt getransplanteerd naar proefdieren zonder darmflora ontstonden er weer laaggradige ontstekingen en diabetes. IgA reguleert dus de hoeveelheden slechte bacteriën in de darmflora tijdens obesitas veroorzaakt door te vet eten.

    darmflora diabetes vet eten

    darmflora diabetes vet eten

    In samenwerking met bariatrische chirurgen zagen de onderzoekers verhoogde waarden IgA in de ontlasting van mensen die behandeld waren.

    Vet eten en diabetes

    Het onderzoek laat een sterke relatie zien tussen een dieet met veel vet, obesitas en het tekort aan IgA in de darmen wat leidt tot ontstekingen en insuline-resistentie. De kennis dat deze soort antilichamen de ziekmakende (pathogene) bacteriën reguleert en beschermt tegen een leaky gut (lekkende darm) en andere complicaties van obesitas geeft krachtige instrumenten in de strijd tegen diabetes.

    Als de onderzoekers in staat zijn de IgA te verhogen dan zou dit een middel kunnen worden om de soorten bacteriën in de darm te reguleren. Vooral als het gaat om laaggradige ontstekingen en uiteindelijk de insuline resistentie. Dit onderzoek kan de basis vormen voor nieuwe behandelmethoden.

    Bron: 1. Helen Luck, Saad Khan, Justin H. Kim, Julia K. Copeland, Xavier S. Revelo, Sue Tsai, Mainak Chakraborty, Kathleen Cheng, Yi Tao Chan, Mark K. Nøhr, Xavier Clemente-Casares, Marie-Christine Perry, Magar Ghazarian, Helena Lei, Yi-Hsuan Lin, Bryan Coburn, Allan Okrainec, Timothy Jackson, Susan Poutanen, Herbert Gaisano, Johane P. Allard, David S. Guttman, Margaret E. Conner, Shawn Winer, Daniel A. Winer. Gut-associated IgA immune cells regulate obesity-related insulin resistance. Nature Communications, 2019; 10 (1) DOI: 10.1038/s41467-019-11370-y

    University Health Network. "High-fat diet and gut bacteria linked to insulin resistance." ScienceDaily. ScienceDaily, 13 August 2019.

    Meer over het microbioom in de blog de brug tussen voeding en gezondheid.

  • Leptine resistentie en overgewicht

    Leptine-resistentie, darm-hormoon GIP bezet leptine receptoren in het brein en veroorzaakt overgewicht.
    Brein-darm-as: Het GIP-hormoon uit de darmen remt de werking van het verzadigings-hormoon leptine en versterkt daarmee de leptine resistentie, je schept dan nog een keer je bord…..

    Brein-darm-as

    Een nieuwe studie gepubliceerd in “The Journal of Clinical Investigation” door een team onderzoekers van “Baylor College of Medicine” laat een nieuwe verbinding in de brein-darm-as zien die zorgt voor meer eten en meer lichaamsgewicht.

    leptine resistentie

    leptine resistentie

    Muizen op een vetrijk dieet lieten verhoogde waarden zien van het GIP-hormoon (gastric inhibitory polypeptide). GIP is een glucoseafhankelijk insuline-afscheidend eiwit. Dit hormoon is betrokken bij het management van de energiebalans in het lichaam. De studie laat zien dat overmatig GIP via de bloedbaan in de hersenen komt waar het de werking van leptine afremt. De muizen bleven dooreten en kwamen aan. Door de interactie van GIP met de leptine -receptoren te blokkeren gingen de muizen minder eten en verloren zij gewicht.

    Onderzoekers weten dat leptine, een hormoon dat wordt gemaakt in de vetcellen, belangrijk is het beheersen van het lichaamsgewicht, zowel bij muizen als bij mensen. Leptine is werkzaam doordat het het verzadigingsgevoel opwekt. Als mensen verzadigt zijn stoppen ze met eten. Maar bij overgewicht (obesitas) veroorzaakt door een dieet met teveel vet of door over-eten reageert het lichaam niet meer op de leptine-signalen. “Je voelt je niet vol en blijft maar door eten wat leidt tot overgewicht”. Over eten en teveel vet eten leidt tot een leptine resistentie volgens de onderzoekers.

    Leptine en GIP

    De interactie tussen het darm-hormoon GIP en leptine is pas na jaren onderzoek achterhaald.

    GIP is een belangrijk incretine-hormoon dat wordt geproduceerd in de darmen als reactie op voeding. Het is bekend om de invloed op het energie-management van het lichaam.
    De onderzoekers hebben de receptor in de hersenen gevonden waar GIP zich aan bindt. Vervolgens evalueerden zij de effecten van het blokkeren van de GIP-receptor. Dit leidde tot ene significante gewichtsafname bij de muizen die overgewicht hadden door te vet eten. De muizen gingen met de geblokkeerde receptor minder eten, de vetmassa nam af en de bloedglucose-waarden verbeterde.

    Conclusie leptine resistentie

    Conclusie is dat het effect zichtbaar is bij overgewicht door teveel vet eten.
    Verder tests bij muizen die een genetisch tekort hebben aan leptine (en dus blijven eten) liet geen afnemende eetlust en geen afnemend gewicht zien.

    Samenvatting GIP en leptine

    Samengevat: Bij een evenwichtig dieet stijgt de GIP-productie in de darmen niet en werkt leptine naar behoren. Het leidt tot verzadiging als er genoeg gegeten is. Maar een dieet met veel vet en obesitas stijgt de GIP-productie. Het GIP-hormoon bezet de leptine receptoren in de hypothalamus en remt daarmee de effecten van leptine. De proefdieren voelde geen verzadiging, aten teveel en warden zwaarder (obees). Het blokkeren van de GIP-bezetting op de receptoren leidde tot afname van de eetlust en daar op volgende gewichtsverlies.

    Deze data geven aan dat GIP en de receptoren in de hypothalamus een rol spelen bij leptine-resistentie. Dit was tot op heden een onbekende rol van GIP.

    Vervolg

    Alhoewel er meer onderzoek nodig is speculeren de onderzoekers dat deze vinding misschien op ene dag en rol speelt bij afslank-methoden waarbij de werking van leptine wordt ondersteund door het anti-leptine-effect van GIP te remmen.

    1. Kentaro Kaneko, Yukiko Fu, Hsiao-Yun Lin, Elizabeth L. Cordonier, Qianxing Mo, Yong Gao, Ting Yao, Jacqueline Naylor, Victor Howard, Kenji Saito, Pingwen Xu, Siyu S. Chen, Miao-Hsueh Chen, Yong Xu, Kevin W. Williams, Peter Ravn, Makoto Fukuda. Gut-derived GIP activates central Rap1 to impair neural leptin sensitivity during overnutrition. Journal of Clinical Investigation, 2019; DOI: 10.1172/JCI126107

    Baylor College of Medicine. "Gut-brain connection helps explain how overeating leads to obesity." ScienceDaily. .ScienceDaily, 12 August 2019.

  • Back to school - Fit for school

    Back to school fit for school. 40% minder antibiotica voor kinderen.
    De ProChild-study gebruikt probiotica, vezels en vitamine C. In deze blog de conclusie voor schoolgaande kinderen.

    Back to school

    Gelukkig, de scholen gaan weer beginnen en de kinderen gaan weer lekker aan het leren. Bereid ze goed voor! Weer terug in een goed slaap-ritme, gezond eten en nieuwe “regels” zoals minder gamen of ’s avonds geen telefoon….

    probiotica voor kinderen

    Back to school, probiotica voor kinderen

    Het begin van het schooljaar, en zeker een nieuwe school, is een spannende periode. Een stressvolle situatie voor sommige kinderen. Met al die kinderen weer dicht bij elkaar beginnen ook de “zomer-griep en de “zomer-verkoudheden” weer. Met gezond eten (fruit) en goed slapen blijft de weerstand hoog.

    Proven helpt met probiotica onderzoek

    ProVen heeft onderzoek gedaan naar het effect van probiotica, vezels en vitamine C bij schoolgaande kinderen van 3 tot 6 jaar. De formule bevat 12,5 miljard vriendelijke bacteriën uit 4 stammen (LAB4), 200 mg FOS (fructo oligo sachariden - vezels) en vitamine C 50 mg.

    ProChild study

    De proefpersoontjes werden verdeeld in 2 groepen. 1 groep kreeg probiotica met vezels en vitamine C, de andere groep kreeg een capsule zonder werkzame stoffen. De studie hield bij: het aantal en de duur van infecties aan de bovenste luchtwegen zoals zere keel, kuchen, niezen, loopneuzen, het aantal dagen afwezigheid, het aantal bezoekjes aan de huisarts en het gebruik van antibiotica. Het onderzoek duurde 6 maanden.

    De kinderen met probiotica hadden in 1 jaar 7,5 dagen last van hun luchtwegen en bleven “ziek” thuis. De kinderen die geen probiotica kregen bleven 14,2 dagen thuis, bijna twee keer zo veel.

    De probiotica-kinderen gingen 43% minder vaak naar de huisarts, en zij kregen maar in 14,3% van de gevallen antibiotica, terwijl de controle groep in 24,1% van de gevallen antibiotica kreeg voorgeschreven.

    Conclusie

    • 30% minder school verzuim
    • 30% Minder uitval betekent ook 30% minder vrije dagen nemen of oppas inhuren
    • 39% minder antibiotica gebruik bij kinderen.
    • LAB4 probiotica in combinatie met vitamine C reduceert significant de duur en de frequentie van verkoudheden (infecties bovenste luchtwegen) en reduceert afwezigheid op school.

    Hier vind je een Engels-talige samenvatting van het onderzoek. De publicatie van het onderzoek. Hier vind je de produkten die gebruikt zijn in het onderzoek. Meer informatie over probiotica voor schoolgaande kinderen.

    Een meta analyse (17 onderzoeken) over het verminderen van het antibiotica-gebruik en probiotica.

    Lees ook deze blog over antibiotica resistentie bij kinderen 1 - 5 jaar.

  • Baby darmflora en allergieën, ondersteun de darmen van je baby

    Baby probiotica allergieën, darmflora, eczeem en koliek. De bacteriën in de darmen van je baby, het microbioom, ontwikkelt zich vanaf de geboorte. Tijdens de bevalling komt de baby in aanraking met de bacteriën van mama. Tijdens het eerste levensjaar groeit en ontwikkelt de darmflora van baby’s onder invloed van verschillende externe factoren. De hoeveelheid aan bacteriestammen neemt toe en helpt zo het immuunsysteem van de baby.

    De ontwikkeling van de darmflora

    De verschillende soorten bacteriën, de bacteriestammen, die worden aangetroffen bij baby’s laat zien hoe zij geboren zijn. Via een keizersnede of via en vaginale bevallig waarbij het microbioom van de baby een afspiegeling is van de bacteriën van de moeder. Bij een keizersnede zie je de bacteriën uit de ziekenhuis-omgeving terug. Andere factoren die de darmflora beïnvloeden zijn: vroeggeboorte, hygiëne, borstvoeding of flesvoeding en het gebruik van antibiotica.

    Darmflora en immuunsysteem bij baby's

    De darmflora werkt samen met het immuunsysteem en helpt in de ontwikkeling van immuun-cellen. Deze afweercellen zijn er in vele soorten en maten. Wat de meeste gemeenschappelijk hebben, is dat ze vreemde indringers zoals virussen, verkeerde bacteriën en parasieten vernietigen.

    baby probiotica allergieën

    Als de darmflora niet goed genoeg getraind wordt en zich onvoldoende ontwikkeld heeft dit een relatie met immuniteit gerelateerde aandoeningen op latere leeftijd. Daarom is het belangrijk om de bacteriën in de darmen van je baby te ondersteunen voor en vanaf de geboorte.

    Koliek bij baby’s en de darmbacteriën

    Een baby met buikpijn (koliek) is voor ouders een van de meest vervelende en moeilijk situaties. Een baby die uren- of nachtenlang huilt van de buikpijn gedurende de eerste 4 tot 5 maanden. De frustratie van mama en papa neemt alleen maar toe doordat er verschillende verhalen zijn over het ontstaan van koliek en dat er geen eenduidige aanpak is.

    baby probiotica allergieën

    baby probiotica allergieën

    In toenemende mate wordt gekeken naar het microbioom van de baby en naar de verschillende bacteriestammen. De eerste bacteriën die zich in de darmen van de baby nestelen kunnen een effect hebben op het ontstaan van buikpijn (koliek) en andere darmklachten bij baby’s.

    Duideljik is geworden dat een onbalans tussen bepaalde bacteriën invloed heeft op het ontstaan van buikkrampjes. Baby’s die geen tot nauwelijks buikpijn hebben, hebben een grotere hoeveelheid lactobacillen en bifidobacteriën.

    Baby eczeem, allergieën en darm-bacteriën

    Het aantal mensen met allergieën is dramatisch gestegen in de afgelopen 50 jaar. 40% van de kinderen ontwikkelt nu een allergie zoals eczeem, astma of hooikoorts (rhinitis). De allergieën blijven een leven lang. De meeste allergieën ontwikkelen zich in de eerste 2 levensjaren vooral in de eerste 6 maanden na de geboorte.
    Kinder-eczeem, de rode jeukende vlekken (patches) zijn lastig en zorgelijk zowel voor de baby als voor de ouders.

    baby probiotica allergie

    baby probiotica allergie

    Als kinderen op 2-jarige leeftijd atopisch (constitutioneel) eczeem hebben is er een kans van 80% dat zij astma hebben op hun 12-de en een nog hoger risico op hooikoorts.

    Heeft u vragen over de darmen van baby’s of over probiotica lees dan hier verder of neem contact met ons op.

  • Intermittent fasting minder eetlust hogere vetverbranding

    Intermittent fasting en eTRF verlagen eetlust en verhogen vetverbranding
    Nieuw: Onderzoekers hebben ontdekt dat eet-en-vasten-ritmes zoals intermittent fasting of eTRF (alleen eten in de ochtend en middag) mensen helpen met afslanken doordat het de eetlust verlaagt en de vetverbranding verhoogt.

    eTRF, intermittent fasting, metabolisme

    Intermittent fasting verlaagt de eetlust en verhoogt de vetverbranding Onderzoekers hebben ontdekt dat eet-en-vasten-ritmes zoals intermittent fasting of eTRF (alleen eten in de ochtend en middag) mensen helpen met afslanken doordat het de eetlust verlaagt in plaats van meer calorieën verbrandt. Deze studie is de eerste die laat zien dat intermittent fasting het 24-uurs energie-metabolisme (stofwisseling) beïnvloedt als het aantal maaltijden en het moment van eten wordt afgestemd op het 24-uurs ritme. Het onderzoek is gepubliceerd op 24 July 219 in Obesity, het vakblad van de obesitas-professionals.

    Eten volgens circadiaans ritme

    Het afstemmen van maaltijd op de circadiaanse ritmes, de biologische klok van het lichaam, kan een succesvolle strategie zijn om de eetlust te verlagen en om de metabole gezondheid te verbeteren volgens Eric Ravussin, PhD, een van de auteurs van de studie en associate executive director for clinical science at Louisiana State University's Pennington Biomedical Research Center in Baton Rouge.

    ETRF vasten en afslanken

    ETRF vasten en afslanken

    “Wij verwachten dat de meerderheid van de mensen met overgewicht of met de wens hun gewicht te behouden (gewichtsbeheersing) hulp en ondersteuning kan vinden in het intermittent fasting omdat het op een natuurlijke manier de eetlust verlaagt, mensen eten gewoon minder volgens Courtney M. Peterson, PhD, hoofd auteur van de studie assistant professor in the Department of Nutrition Sciences at the University of Alabama at Birmingham.

    Meer vet verbranden

    Peterson en haar collega’s rapporteerden ook dat intermittent fasting helpt om meer vet te verbranden. Early time restricted feeding (e TRF) is een methode waarbij 3 maaltijden worden gegeten; ontbijt, vroege lunch en ’s middags het avondeten helpt mensen om gemakkelijker te switchen van glucose-verbranding naar vet-verbranding. Dit gemakkelijke switchen wordt de metabole flexibiliteit genoemd. De extra vetverbranding vraagt nog wel om aanvullend en vooral langer onderzoek volgens de auteurs.

    De proefpersonen volgende twee verschillende eet-moment-methoden: Een 12 uur intermittent fasting methode met een ontbijt om 8 uur en een diner om 20:00 uur. De andere aanpak een eTRF-schema waarbij 3 maaltijden werden gegeten in 6 uur tijd: een ontbijt om 8 uur en het diner om 14:00 uur. In de intermittentfasting methode werd dus 12 uur gevast en in de eTRF-methode werd 18 uur gevast.

    Deze kleine studie duurde 4 dagen.

    Met de eTRF-methode kregen de proefpersonen evenveel calorieën als anders. Zichtbaar werd dat het hongerhormoon ghreline afnam, dat de eetlust dus verminderde en dat vetverbranding steeg.

    “Twee vliegen in 1 klap” volgens Peterson, de onderzoekers waren in staat om meer inzicht te krijgen in dagelijks intermittent fasting (time restricted feeding, dus afwisselen eten en vasten) als in maaltijden plannen volgens het circadiaanse ritme (meer voeding in de ochtend). De onderzoekers troffen dezelfde uitkomsten bij beide methoden.

    Hollie Raynor, PhD, RD, LDN, (niet betrokken bij dit onderzoek) zei ”deze studie geeft meer inzicht over hoe eet-patronen een rol spelen, niet alleen wat je eet maar wanneer je eet kan belangrijk zijn om een gezond gewicht te bereiken. . Raynor is een professor en interim dean of research in the Department of Nutrition, College of Education, Health, and Human Sciences aan The University of Tennessee, Knoxville.

    Meer informatie over intermittent fasting, meer over vet verbranden en meer informatie over afslanken en gewichtsbeheersing.


    Journal Reference: 1. Eric Ravussin, Robbie A. Beyl, Eleonora Poggiogalle, Daniel S. Hsia, Courtney M. Peterson. Early Time‐Restricted Feeding Reduces Appetite and Increases Fat Oxidation But Does Not Affect Energy Expenditure in Humans. Obesity, 2019; 27 (8): 1244 DOI: 10.1002/oby.22518

    Start zelf met intermittent fasting

  • Acne en microbioom

    Acne en de werking van het microbioom, nieuwe inzichten, nieuwe oplossingen
    Grote review van ruim 150 onderzoeken naar de oorzaak van acne en de rol die darmbacteriën (microbioom) spelen bij acne.

    Inleiding, acne en voeding

    De term microbioom slaat op de complete serie micro-organismen in en op het lichaam inclusief: bacteriën, virussen, en schimmels, hun genen en hun metabolieten (producten). En de omgeving waarin zij zich bevinden. Het woord microbiota is specifiek. Hiermee wordt bedoeld de groep commensalen, symbiotische en pathogenen in een bepaald gebied.

    Onderzoekers onderkennen dat de microben in de darmen en op de huid vitaal zijn voor de weerstand (immuniteit), het metabole en het hormonale evenwicht. Steeds meer onderzoeken geven aan dat het West-Europese dieet invloed kan hebben op de ontwikkeling van de huid-ontsteking acne. Het eten in West-Europa bevat over het algemeen: teveel rood vlees met vet, een hoge glycemische index (teveel suiker) en bovendien zuivel dat acne kan stimuleren doordat de waarden van IGF-1 en insuline stijgen (stimuleren laaggradige ontstekingen). Het dieet heeft een fundamentele invloed op de samenstelling van de microbiota in de darmen doordat het dieet te weinig vezels bevat. Dit veroorzaakt metabole ziekten en ontstekingen in de huid.

    In deze review een discussie over de interactie tussen acne en het microbioom om de ziekte acne beter te begrijpen en om betere behandelingen te ontwikkelen.

    Huidflora, de bacteriën op de huid

    De huid heeft een oppervlakte van ongeveer 2 vierkante meter, ongeveer het format van een eenpersoons-matras. Bovendien is dit het grootste orgaan, de eerste verdedigingslinie van het lichaam. Ook is het een fysieke barrière en heeft een belangrijke taak in het immuunsysteem. De microben (bacteriën) op de huid vechten tegen pathogene (ziekmakende) bacteriën. De microben (samen heet dit het huid-microbioom genoemd) werken nauw samen met de immuun cellen (o.a. macro fagen) in de huid. De huidflora is een essentieel onderdeel van de gezondheid.

    Acne en microbioom

    Acne en microbioom

    De meest voorkomende (commensalen) bacteriën op de huid zijn verdeeld in fylen (groepen)

    • Actinobacteria (zoals Corynebacterineae, Propionibacterineae),
    • Proteobacteria,
    • Firmicutes (zoals Staphylococcaceae) en
    • Bacteroidetes.

    De samenstelling varieert per persoon. De huid-flora wordt beïnvloedt door: zeep, cosmetica, antibiotica, woonplaats en werk, temperatuur, zonlicht en vochtigheid.

    De bacterie-stammen op de huid veranderen met het ouder worden. Bij babies is de huidflora vooral bepaald door de wijze van geboorte. Een vaginale bevalling of een keizerssnede brengt andere bacteriën op de babyhuid. Tijdens de kindertijd gaan de firmicuten domineren.

    Cutibacterium acnes en acne

    C. acnes is de meest waarschijnlijke veroorzaker van acne. Deze bacterie werd vroeger bacterie Bacillus acnes genoemd. In de jaren 40 van de vorige eeuw werd het P. acnes en sinds 2016 dus C. acnes (cutibacterium acnes). De C. acnes is, bij volwassenen, de belangrijkste bewoner van de huid op de schedel, het gezicht, borst en rug. 90% van de flora bestaat uit de C. acnes. De rol van deze bacterie in het veroorzaken van acne is niet helemaal zeker. Maar deze vaste bewoner van de huid behoud een lage pH-waarde van de huid door het uitscheiden van vetzuren en het houdt pathogene bacteriën tegen zoals Staphylococcus aureus en Streptococcus

    De C. acnes kan op verschillende manieren ontstekingen (acne) veroorzaken en verergeren. De metabolieten (uitscheiding) van de bacterie beïnvloeden verschillende processen en receptoren. Lees hier het artikel voor de verschillende mechanismen waarmee de bacterie invloed heeft op de ontstekingen. O.a. via sebocyten, keratinocyten, monocyten en het ontwikkelen van een biofilm.

    C.acnes kan resistent worden tegen antibiotica. Deze aangeleerde vaardigheid zie je bij acne-patiënten.

    Andere microbiotia kunnen ook invloed hebben op acne. Niet alleen de C. acnes, maar ook de S. epidermis komt in een hoger volume voor bij acne. De S. epidermis is in staat bescherming te bieden tegen verschillende ziekmakende bacteriën doordat het anti-stoffen aanmaakt. Sommige studies laten zien dat de epidermis de acnes afremt en in balans houdt. Maar dit is nog niet helemaal zeker en duidelijk.

    Andere bewoners van de acne-huid zijn: C. granulosum, de rol van deze bacterie is nog in onderzoek. Voorheen dacht men dat de Malassezia de veroorzaker was van acne. Als deze bacterie werd verwijderd met medicatie verdween de acne. De lipase- (enzym) activiteit van de Malassezia is 100 keer zo sterk als die van de C. acnes. De Malassezia zet triglyceriden om in vrije vetzuren de weer leiden tot een hyper-keratinisatie in de haarzakjes die acne starten. Ook deze bacterie is punt van onderzoek.

    Acne behandelingen

    Acne is een ontstekingsziekte in de huid en er zijn al ruim 40 jaar verschillende therapieën beschikbaar: lichttherapie (zon en UV, blauw licht en fototherapie), retinoïden (vitamine A) en antibiotica-crèmes. Deze onderdrukken de activiteit van de C. acnes en werken ontstekingsremmend. Orale antibiotica wordt toegepast bij gemiddelde tot ernstige acne. Vooral als de crèmes niet werken. (macroliden, clindamycin, and tetracyclines). Erythromycin, roxithromycin, clarithromycin, en azithromycin zijn macroliden. Clindamycin is een lincosamide antibiotica. Veel gebruikte Tetracyclinen zijn: doxycycline, tetracycline en minocycline. Isotretinoin is de laatste optie bij terugkerende acne.

    De C. acnes wordt in toenemende mate resistent voor antibiotica volgens verschillende studies.

    Interactie darmflora (microbioom) en de huid

    De huid en de darmen hebben en vergelijkbare rol in de immuniteit. Toenemend bewijs laat zien dat er communicatie over en weer plaatsvindt tussen het microbioom op de huid en dat in de darmen. Diverse studies leggen een relatie tussen de gezondheid van de darmen en de conditie (gezondheid) van de huid.

    Het darmstelsel

    In de darmen leeft en werkt een grote collectie bacteriën, schimmels, virussen en protozoa, 10 keer zoveel als cellen in het hele lichaam. Recent genetisch onderzoek (metagenomics) heeft de kennis en het begrip over dit microbioom en haar rol voor de gezondheid, verdiept. De bacteriën in de darmen verrichten verschillende functies: weerstand, spijsvertering en de homeostase. Darmbacteriën breken voeding en complexe polysachariden af, maken essentiële vitaminen (K en biotine). De bacteriën bieden bescherming tegen pathogene bacteriën en antigenen uit voeding en de omgeving.

    Emoties en acne

    Momenteel is er sterk bewijs dat de darmflora een bemiddelende rol speelt tussen huid ontstekingen en emoties zoals depressie, zorgen en angst. Deze emoties leiden tot veranderingen in de darmflora wat leidt, volgens Stokes en Pilsburry in 1930, tot systemische ontstekingen via de hersen – darm – huid as. Alhoewel het mechanisme in voornoemde as nog niet helemaal ontrafeld is lijkt de invloed van de darmflora op de huid te verlopen via het immuunsysteem.

    Een andere uitleg is dat de darmflora bacteriën naar de huid kan brengen. Als de doorlaatbaarheid van de darmwand verstoord is, uit balans raakt, kunnen metabolieten van de darmbacteriën in de bloedbaan belanden. Deze metabolieten (uitscheiding, producten van de bacteriën) hopen zich op in de huid en verstoren daar het evenwicht. De darmflora heeft ook invloed op de huid doordat de darmbacteriën korte-keten-vetzuren (SCFA’s) aanmaken als zij vezels verteren. SCFA’s kunnen een antimicrobieel effect hebben op de Staphylococcus aureus en invloed op het huid-microbioom. S. epidermidis en C. acnes zijn gevoeliger voor SCFA’s dan andere soorten.

    Darmflora en acne

    De darmflora beïnvloedt acne, misschien door interactie via het mTOR werkingsmechanisme. Metabolieten van de darmbacteriën beïnvloeden cel-groei, vet-metabolisme en andere metabole functies via mTOR. De werking van mTOR zelf heeft invloed op de darmflora doordat het een werking heeft op de intestinale barriere (darmslijmvlies).

    Bij dysbiose in het darmmicrobioom en bij verstoringen in de barrière kunnen het metabolisme en ontstekingen versterkt worden. De mogelijke rol die mTOR speelt bij acne en de interactie van mTOR op de darmflora zou het mechanisme kunnen zijn waarmee de darmflora acne versterkt. Overzicht van de rol van mTOR vindt u hier.

    De relatie tussen acne en spijsverteringsproblemen kan voortkomen uit de hersenen. Een voorbeeld hiervan is de verergering van acne bij stress. Experimenten met dieren en mensen toonden aan dat de darmflora beschadigt raakt door stress. Vooral de lactobacillen en bifidum soorten. Psychische stress kan de darmbacteriën aanzetten om neurotransmitters te produceren zoals: acetylcholine, serotonine, norepinephrine. Deze neurotransmitters gaan door het darmslijmvlies de bloedbaan in en veroorzaken een systemische ontsteking.

    West-Europees dieet

    Recentelijk is duidelijk geworden wat de rol van het West-Europese dieet is in het verergeren van acne. Het dieet bevat zuivel, geraffineerde koolhydraten (suiker), chocola en verzadigd vet die acne kunnen verergeren door hun invloed op het metabolisme. Er is bewijs dat aangeeft dat het West-Europese dieet bijdraagt aan het ontstaan van ontstekingen in de huid. Als voorbeeld: een dieet met veel vet reduceert de darmflora en verhoogt de concentratie aan lipopolysachariden (LPS), dit veroorzaakt systemische laaggradige ontstekingen doordat de doorlaatbaarheid van de darm verhoogt wordt. De dikte van het darmslijmvlies neemt af en de aanmaak van ontstekingsbevorderende cytokinen neemt toe.

    Onderzoek microbioom bij acne

    Een paar onderzoekers hebben de darmflora van acne-patiënten onderzocht. Bevindingen: Bacteroideten groeien door stress en komen in een hoger volume voor bij acne. De darmflora van acne-patiënten verschilt van de flora van niet-patiënten. Acne-patiënten hebben minder diversiteit in hun darmflora en meer bacteriodeten in verhouding tot firmicuten.(kenmerkend voor een West-europees dieet). Afname van Lactobacillus, Bifidobacterium, Butyricicoccus, Coprobacillus, en Allobaculum in acne patienten.

    Lactobacillus and Bifidobacterium zijn probiotica die de darmflora in balans houden doordat zij oligosachariden fermenteren. Zij versterken de barrière-functie van de darmwand, verhogen de immuniteit en verminderen de darm-doorlaatbaarheid (het tegenovergestelde van een leaky gut). Butyricicoccus maakt butyraat aan, energie voor de cellen en behoud van het darmslijmvlies.

    Probiotica en prebiotica

    Probiotica zijn levende organismen die bijdragen aan de gezondheid van hun gastheer/vrouw. Zij beschermen het darmslijmvlies. De meest en best bestudeerde stammen zijn: Lactobacillus and Bifidobacterium.

    Prebiotica zijn niet verteerbare voedingscomponenten (vezels bijvoorbeeld) die de groei en activiteit van probiotica stimuleren. Probiotica worden al lang gebruik bij de behandeling van aandoeningen in het spijsverteringssysteem door het optimaliseen van het darmmicrobioom. Probiotica beïnvloeden ook immuun reacties buiten de darmen, ook op de huid. Zij verhogen de insuline-gevoeligheid in proefdieren en reguleren huidontstekingen door interactie via de lymfen, GALT (gut-associated lymphoid tissue).

    Bepaalde stammen van de lactobacillus ondersteunen cytokinen en T-cellen ( lactobacillen helpen de immuniteit te balanceren). Bifidobacterium coagulans (B. coagulans) heeft ook immuniteit regulerende eigenschappen die de gezondheid van de huid kunnen versterken.

    Probiotica bij Acne

    Groeiend bewijs geeft aan dat probiotica factoren die acne veroorzaken kan beïnvloeden. Probiotica remmen C. acnes met antimicrobiële proteïnen. Op de huid aangebrachte probiotica verbeteren de barrière-functie van de huid en verhogen de aanmaak van antimicrobiële proteïnen (bactericinen). Ceramiden (sphingolipiden) die het water in de huid vasthouden hebben ook een antimicrobiële werking en remmen zo C. acnes. Probiotica ondersteunen de aanmaak van ceramiden, versterken de barrière functie en kalmeren zo de huid. Probiotica zouden als aanvullende behandeling ingezet kunnen worden.

    IGF-1 (insuline like growth factor) zou kunnen bijdragen aan de ontwikkeling van acne. Een dieet met veel melk en suiker verhoogt het risico op acne waarschijnlijk doordat het de productie van IGF-1 verhoogt. Lactobacillus toegevoegd aan voeding verlaagt IGF-1 sterk. Dus via IGF-1 kunnen probiotia acne reguleren. Onderzoek met enterococcus (8 weken) resulteerde in een 50% reductie van de acne (Kang et al.) in vergelijking met een placebo. Lactobacillus plantarum vermindert de hevigheid van de acne. Ook de combinatie van gevriesdroogde Bifidobacterium bifidum and L. acidophilus als oraal supplement liet verbeteringen zien. Ook maakt het gebruik van probiotica de toepassing van antibiotica dragelijker. Een recente trial toonde aan dat vaginale candidase (vaak veroorzaakt door de antibiotica) afnam in combinatie met probiotica.

    Samengevat

    De onderzoeksresultaten suggereren dat het darm-microbioom een belangrijke rol speelt bij acne en dat het moduleren van die darmflora kan bijdragen aan de behandeling acne. De onderzoekers geven aan dat er nog nader onderzoek verricht moet worden om exact de werking te verklaren.

    Conclusies

    Met geavanceerde technologie hebben de onderzoekers de kennis over het microbioom verhoogd. Onderzoekers hebben ruim 100 jaar gezocht naar de link tussen het microbioom en de C. acnes. De laatste studies laten zien dat bij acne een kwaadaardig type C. acnes de huid domineert, maar meer onderzoek is noodzakelijk. In toenemende mate ontstaat resistentie van de C.acnes tegen antibiotica.

    Tot voor kort werd aangenomen dat stress en dieet maar weinig relevant waren. Doordat is aangetoond dat er communicatie en samenwerking is tussen de hersenen, de darmen en de huid is het nu duidelijk dat de darmflora een significant effect heeft op acne.

    Nieuwe behandelmethoden zijn in ontwikkeling; zowel topisch (op de huid aangebracht) als in de vorm van orale probiotica-supplementen gecombineerd met pre-biotica. Op maat, dus afgestemd op het microbioom van een individu, wordt er dan gericht gesuppleerd en behandeld.

    Deze blog is een vertaling en samenvatting van een grote review. Lees hier de hele review en onderaan de review ruim 160 referenties naar onderzoeken die gebruikt zijn in de review.

    Potential Role of the Microbiome in Acne: A Comprehensive Review. Lee YB1, Byun J2, Kim AHS3,4. Author information https://www.ncbi.nlm.nih.gov/pubmed/31284694

    Protokol Acne

    • Lifestyle = Meer bewegen, stress reduceren
    • Voeding = Minder zuivel, suiker chocola, verzadigd vet. Van een West-europees dieet naar een Meditteraan dieet.
    • Suppletie = lactobacillen en bifidum probiotica
    • Verzorging = Huidverzorging met probiotica.

Onderdelen 1 tot 10 van totaal 85
Wij gebruiken cookies om op basis van je bezoek aan de verschillende pagina's en websites ons aanbod en onze content beter af te stemmen op bezoekers en om onze marketinginspanningen te meten. Meer details hier.
x
Loading...